De echo

Het is rustig op de verloskunde poli van het Vumc. In de wachtkamer zitten een aantal jonge gezinnetjes met enthousiasme te wachten op de volgende echo. De moeders houden gemoedelijk hun bewoonde buiken vast terwijl ze uitkijken naar het volgende kiekje van de kleine. Vaders houden het al geboren kroost bezig, of zitten rustig naast hun vrouw af te wachten. Vrouw na vrouw wordt opgeroepen om naar de behandelkamer te komen en de wachtruimte stroomt langzaam leeg. In een hoekje zit een jongeman in zijn eentje op een bankje. Hij moet ook een echo laten maken van zijn baarmoeder, of zoals hij het noemt, baarvader. Af en toe loopt er iemand langs en kijkt hem net iets te lang aan met een “wat doe jij hier” blik. De jongen speelt zenuwachtig met zijn telefoon en probeert zo min mogelijk op te vallen achter een pilaar. Oh, die jongen ben ik trouwens.

Plots komt er een goed uitziende blonde dame met een witte doktersjas de wachtkamer in. “Sascha?” zegt ze vragend. Ik knik vluchtig en volg haar zo snel mogelijk naar het kamertje. Al dit gezeik om een orgaan dat ik niet wil hebben, een baarmoeder. Het was gewoon een standaard preventief onderzoek. Een deel van de 3 maandelijkse controle om te kijken of de testosteron niks raars met dat ding gaat doen. De echoscopiste gebaart me plaats te nemen op de behandeltafel en smeert een koud goedje op mijn onderbuik. Zodra de kop van het echo apparaat contact maakt met mijn buik komen er een hoop vage kringeltjes en lijntjes op het beeldscherm dat schuin tegenover mij hangt. De dame knijpt haar ogen samen en bestudeert het plaatje uitvoerig. Ik zucht diep, kijk haar verveeld aan en vraag: “Laat me raden, je kan de baby niet vinden?” Ze grinnikt en zegt “Laten we hopen dat die er niet zit toch? Maar het is allemaal wel moeilijker te vinden als er geen baby in zit.

Ik kijk weer naar het schermpje en begin een structuur te zien in de kringelige lijntjes; het is eigenlijk net een kunstwerk. Ik schraap mijn keel en vraag haar: “Zeg, zorgt dit werk er nou voor dat je een betere appreciatie hebt gekregen voor moderne kunst?” Ze kijkt me ontstelt aan terwijl ze in lachen uitbarst. “Jij bent ook een grappenmaker he?” grinnikt ze. “Tja, je moet toch wat doen om het minder ongemakkelijk te maken als vent bij een verloskunde poli” verzucht ik. Ze knikt begrijpelijk en drukt nog eens flink het echo apparaat tegen mijn blaas om een beter gevormd frutseltje op het beeldscherm te zien. Ze wijst naar een paar kleine glooiingen in het abstracte landschap, “Je hebt een paar vleesboompjes. Dat kan geen kwaad hoor.” Ik kijk haar beduust aan, “Wacht even, je wilt zeggen dat ik een rijkelijke flora in mijn baarmoeder heb?” Ze probeert haar lach te onderdrukken en rolt naar me met haar ogen. Ze zet haar bril af en staat op: “Ik kan er echt niks van maken, ik ga er even een collega bij halen hoor. Vind je dat erg?” “Ach wel nee, als we toch bezig zijn.”de echo foto

 

In de tussentijd kijk ik om me heen. Er hangen foto’s van baarmoeders met kindjes in de donkere kamer en er hangen een paar vrolijke geboortekaartjes aan de muur. Even later komt ze met haar collega de deur van het kamertje binnen. Haar collega lacht vriendelijk naar mij. Ik lach vriendelijk terug en haal mijn schouders op: “Ja, ze kon de baby niet vinden..” waarop haar collega in lachen uitbarst en even moet gaan zitten om bij te komen. Ze analyseren mijn echo’s terwijl een dosis echoscopistenjargon me om de oren vliegt. “Kunnen jullie ook nog Nederlands?” vraag ik. Ze verontschuldigen zich: “Ja sorry, het zijn een beetje rare benamingen. Maar alles is goed hoor, we printen je foto’s en dan kan je terug naar de genderpoli.” Ik slaak een zucht van verlichting en veeg met een papiertje de gel van mijn buik. “Wat is dit spul trouwens, glijmiddel ofzo?” vraag ik nieuwsgierig. “Zeg, nou maak je het wel erg bont hoor” grinnikt de blonde echoscopist. Ik grijns breed en neem de foto’s van haar aan. Met een ongemakkelijk, maar toch gerust gevoel stap ik de afdeling af op weg naar huis.

Sascha Klomp

Sascha Klomp